Index of /Interviews en Reviews/Interviews/2004 De dikste stift van allemaal

  Name   Last Modified Size Description

Parent Directory   - - -
Get Adobe Acrobat Reader   - - You need Adobe Acrobat Reader to read and/or print .pdf files. It is a free download.
2004 De dikste stift van allemaal.pdf   20.05.2005 39kB -

2004

De dikste stift van allemaal

Door Roberto Lobosco in het Rotterdams Dagblad (20-03-2004).


Sinds de recentelijke 'eighties revival' is de Rotterdamse graffiticrew 'Bad Boyz Inc' terug aan het front. Graffiti is een kwestie van perceptie. Vandalisme, zegt de één. Kunst, roept de ander. In beide gevallen is graffiti een emotionele schreeuw om aandacht. Oprichter Faisel 'Jean': 'Iedereen moet mijn geniale meesterwerk zien. Zonder die arrogantie kun je geen graffiti-artiest zijn.'

'Bad Boyz Inc' is een collectief van dergelijke bekladdende spuitkunstenaars. Ze ontstaan in 1985, als Extince nog in het Engels rapt. Tijdens 'A Night in New York', de laatste avond van de Arena, het huidige Nighttown. De graffiticrew groeit binnen enkele jaren uit tot een invloedrijke factor in de prehistorische Nederhopscene. Want de Nederlandse graffiti baant zich een weg in de underground hiphop, net als in New York. Graffiti is afgeleid van het Italiaanse werkwoord 'graffiare', dat krabben of krassen betekent. Door te schrijven op een muur drukt de maker een stempel op zijn omgeving. Ik besta, zegt hij in wezen. Oorspronkelijk is de Nedergraffiti een geesteskind van de punkbeweging uit de jaren zeventig. Anarchistische jongeren maken hun ongenoegen kenbaar via gebouwen in de stad. Met behulp van stiften en spuitbussen groeien ze uit tot de nieuwe architecten van de stad; bestaande stedelijke objecten worden voorzien van hun naam ('tag'). Straatjochies nemen in de jaren tachtig de spuitbus vervolgens ter hand, hoewel zij graffiti beschouwen als lol en een vorm van competitie: wie doet het meest of het mooist? Kortom, wie is het stoerst? De United Street Artists (USA) uit het mondaine Amsterdam-Zuid is één van de eerste crews in Nederland, met graffitilegendes als 'Delta' en 'Shoe'. Zij worden gegrepen door het fenomeen na het zien van een VPRO-documentaire over vijf graffiti-artiesten uit New York _ onder wie Keith Harring _ die exposeren in Nederlandse musea. De USA introduceert graffiti op een speelse manier als kunstvorm.

Faisel 'Jean' zit op dat moment op school bij 'Shoe', die jaren later een sportschoen voor Umbro ontwerpt. "Wij maakten tot dan toe alleen tekeningen. De focus op letters met een illustratief element greep ons onmiddellijk. Ik was alleen maar met vrienden op straat om te taggen. Ik spijbelde bij het leven, waardoor mijn vader me een jaar later het huis uittrapte en naar mijn moeder stuurde, die net naar Rotterdam verhuisde. In de Rotterdamse straten voelde ik meteen een vibe, de hele stad was onder geschreven." In Rotterdam wordt uit een ander verfblikje getapt. Faisel, opgeschoten jongere uit Amsterdam, raakt in Rotterdam de essentie van graffiti: de afbakening van het territorium. Graffiti functioneert als codetaal voor allerlei groeperingen in Rotterdam in de jaren tachtig. Richard 'Cosh' _ tegenwoordig ontwerper van videoclips van onder andere Brainpower _ loopt in de jaren tachtig ook met een spuitbus door de Rotterdamse straten. "Ik vond poppetjes spuiten makkelijker, dus ik was meestal een welkome aanvulling bij een muur. Er ontstonden crews als NNN, TDC, RCV, Monsterclub13, RSWC en TSF." In eerste instantie vindt Faisel zijn zielsverwanten tussen de crimemasters. "Dat was een hardcore voetbalhooligan-crew die zich onder leiding van 'Save' binnen korte tijd had getransformeerd tot de wreedste bombercrew van Rotterdam en omstreken. Ondanks mijn Amsterdamse roots werd ik gerespecteerd. Bij een importeur in Amsterdam had ik de stift Edding 8500 op de kop getikt. Met een speld prikte ik urenlang in de kop van de stift om die groter te maken. Vervolgens goot ik in een rode stift zwarte inkt voor het bizarre effect. De stiften waren zo zwaar dat ik ze rechtop in mijn broekzak moest houden. Maar het loonde de moeite. Ik had de dikste stift van Rotterdam."

De laatste fase van de jaren tachtig vormt Rotterdam een broedplaats voor alle facetten van hiphop: dj-en, mc-en, breakdancen en dus ook graffiti. Tijdens de bewuste avond in de Arena loopt Faisel graffitiartiesten 'Time', 'Fresh' en 'Sonic' tegen het lijf. Ze besluiten de handen ineen te slaan en in de toekomst als 'Bad Boyz Inc' te opereren. "We waren een groep graffitischrijvers met een bepaald gevoel, waaraan in die tijd kennelijk behoefte was," zegt Faisel. "Veel Rotterdamse mc's, dj's en breakdancers konden zich ermee vereenzelvigen."

Kort na de oprichting sluit Nafer 'Ates' zich aan bij 'Bad Boyz'. "Mijn neef, rapper Kay Black, hing veel met Faisel. Ik deed van alles destijds: breaken, draaien, maar voornamelijk graffiti. Ik schreef al, maar werd altijd terechtgewezen door de ouderen. Als pupil kreeg je een harde leerschool." Richard 'Cosh' blijft ook 'zijn ding doen' en kan niet om 'Bad Boyz' heen. De voor hiphop onmiskenbare verbale strijd tussen de verschillende crews is nog immer hevig. 'Bad Boyz' claimt graffiti- trendsetter te zijn in Rotterdam. Rivaliserende graffiti-artiesten twijfelen hardop. Cosh: "Wat ze ook beweren, zij waren geen oppergoden van de hiphop. Graffiti was zich aan het ontwikkelen. De ene maand liep iedereen 'Jean' qua stijl achterna, een maand later 'Eras', 'Sism' of 'Beat42'. Iedereen deed zo z'n ding in die tijd."

Hoe dan ook, de nachtelijke avonturen van 'Bad Boyz' spelen een rol in de strips van Sjors & Sjimmie, getekend door Robert van der Kroft, die zelf ook toetreedt tot 'Bad Boyz Inc'. ' Van der Kroft: "Op tv zag ik al eerder Amerikaanse graffiti-artiesten, dat verwerkte ik in Sjors & Sjimmie. Pas toen ik zelf met Bad Boyz ging meedoen, konden Sjors & Sjimmie ook wat dieper op de materie ingaan. Bad Boyz werd een inspiratiebron voor de strip en de strip een inspiratiebron voor henzelf. Zo groeiden we naar elkaar toe en ontstond een groep met eenzelfde kijk op graffiti. Door het grote verschil in achtergrond, leeftijd, interesses en dagelijkse bezigheden beïnvloedden de Bad Boyz elkaar op een unieke manier, die een enorme creatieve invloed had op alle leden."

Waar ook ter wereld is de underground ongrijpbaar en grillig. In Rotterdam proberen de verschillende crews middels battles elkaar de loef af te steken. Eind jaren tachtig heerst derhalve verdeeldheid in de verschillende wijken. Naar het schijnt wordt op straat dure sportkleding zonder schroom van het lijf getrokken. Uit angst voor rellen peinst geen enkel poppodium erover een hiphopconcert te organiseren. De Nederhopindustrie wordt derhalve - in eerste instantie - in de kiem gesmoord. Nafer: "Verschillende boyz belandden in de criminaliteit, anderen kozen eieren voor hun geld. Dat was de ondergang van alles. B-boys uit de buitenwijken, die vroeger werden afgetrapt, konden het nu overnemen."

Faisel vlucht terug naar Amsterdam. "Mijn vrienden werden één voor één opgepakt. Ik heb ook wel eens een paar La Gears met lichtjes in mijn handen gehad. Op een gegeven moment zat ik ieder weekend met een brok hasj onder mijn pet bij het bezoekuur in de bajes. Ik besloot terug te gaan naar de stad waar ik verder kon gaan met mijn kunstuitingen." In de jaren negentig stopt Faisel zijn energie in de punkband 'City Pig Unit', waar Nafer met zijn formatie The Transformers de basis legt voor de muziekstroming 'urban eclectic'. De 'Bad Boyz' in ruste zoeken hun heil in andere (lees: kostwinnende) activiteiten. Bovendien krijgen ze kinderen en moeten ze plotsklaps rekeningen betalen. Kortom, ze worden volwassen, van boyz to men. "Denk je dat ik elke avond voor mijn lol in de bosjes lag?" zegt Faisel, inmiddels vader van de driejarige en naar het lettertype vernoemde Roman. "Ik beschouw de stad niet als gemeentelijk eigendom, maar als canvas. Ik heb genoeg gebloed voor mijn wijze van communiceren. Vanwege het kunstzinnige karakter heeft de maatschappij een zwak voor graffitiartiesten, maar vergis je niet, de overheid ziet een crimineel. Ik ben als een verkrachter behandeld, in elkaar geslagen met gummiknuppels. Tegenwoordig grijpt het nog dieper, want probeer maar eens een omgangsregeling te fiksen met een strafblad."

Voor Faisel en Nafer beperken graffiti-uitspattingen zich tot volgetekende memobriefjes naast de telefoon na het uiteenvallen van 'Bad Boyz'. Graffiti staat overigens niet stil, het vloeit in de jaren negentig namelijk uit naar de architectuur, industriële vormgeving en de reclame. Voor 'Bad Boyz' lijkt de tijd van spuiten voorbij, totdat ze in 2001 een telefoontje krijgen van Siebe Thissen, hoofd kunst & openbare ruimte aan het Centrum Beeldende Kunst in Rotterdam. In het kader van Rotterdam Culturele Hoofdstad besluiten ze tot een overzichtstentoonstelling (1985-2001). Thissen: "De expo was een waanzinnig succes: duizenden, vooral jonge tot zeer jonge bezoekers vonden hun weg naar de tentoonstelling." Geïnspireerd door het succes van de expositie besluit 'Bad Boyz' het stof van zich af te kloppen. De nieuwe ontwikkelingen in de graffiti ten spijt oriënteren ze zich op hun oude kunstje: de oldschool graffiti. "Bad Boyz houdt weliswaar van kunst, maar nog meer van de stad," zegt Thissen. "Ze zijn 'urban' en willen niet van de stad vervreemden. Wellicht heeft dit principe hen verhinderd zich meer artistiek te ontwikkelen, maar daar ligt hun motivatie gewoonweg niet. Ze zijn trouw gebleven aan 'Roffadam' _ aan Rotterdam als hiphopstad. Ze werken snel en gehaast en zijn nooit afgeweken van de harde 3D straatstijl met vette letters, sterke contrasten _ zoals zilveren achtergronden _ en de typografie van oude undergroundcomics."

Tegenwoordig vindt graffiti als taal van de straat gretig aftrek bij allerhande muzikanten voor videoclips en platenhoesdesigns. Bovendien is de jaren tachtig-revival oorzaak voor het feit dat graffiti mainstream en daarmee commercieel aantrekkelijk is. Voor de straatartiesten van weleer ligt eindelijk loon naar werken in het verschiet. Hun longboards (verlengde skateboards) met 'Bad Boyz' design verkopen van Australië tot Florida, van bejaarde kunstliefhebber tot snotaap in de achterstandswijk. Toch blijven ze geëngageerd. Als de oorlog met Irak uitbreekt, maken ze 'Bombs Over Baghdad'. Bovendien maken ze zich boos over de vernietiging van de Boeddhabeelden door de Taliban. Het laatste en jongste 'Bad Boyz'-lid, Ayatollah Musa, reist zelfs naar Afghanistan om plannen te maken voor een 'Bad Boyz'-piece op de plek waar de beelden ooit stonden. "De erkenning die we in de jaren tachtig verdienden, krijgen we nu," zegt Nafer. "Wij grijpen terug naar de roots, toen we de allerbesten waren. Graffiti-artiesten van vandaag staan met een thermoskan en lunchpakketje op een hall of fame (een door de gemeente vrijgegeven plek, red.) te schrijven." Faisel erkent dat hij meesurft op een commerciële hype. "Maar ik kan mezelf nog steeds aankijken in de spiegel. Mijn kunstgevoel is altijd groter geweest dan de hang naar sensatie. Ja, ik vaar mee op een hype. Ja, ik geef workshops op de megafestatie voor Break Out. Als het toch moet, dan ook maar meteen goed."

info@siebethissen.net   - - -