Index of /Interviews en Reviews/Interviews/2006 Poëzie en andere slogans in de openbare ruimte

  Name   Last Modified Size Description

Parent Directory   - - -
Get Adobe Acrobat Reader   - - You need Adobe Acrobat Reader to read and/or print .pdf files. It is a free download.
2006 Poëzie en andere slogans in de openbare ruimte.pdf   18.10.2006 40kB -

2006

Poëzie & andere slogans in de openbare ruimte

Fragmenten uit een interview met Siebe Thissen door Pauline Tonkens (KUB), ten behoeve van haar onderzoek ‘Waardering en waarneming van poëzie en slogans in de openbare ruimte' (oktober 2006).

“De stad is een massamedium. In zo'n stad kan je verschillende teksttrajecten onderscheiden: commerciële trajecten, graffititrajecten, stikkertrajecten, maar ook trajecten van dichtregels. De stad fungeert als een openbare catalogus van taaluitingen. Het lijkt soms op wildgroei, maar dat is schijn. Lezers weten precies welke boodschappen en teksten ze moeten lezen: de vormgeving en plaatsing nodigen uit tot een gecodeerd gebruik.”

“Lezers die minder goed thuis zijn in deze analoge database spreken van visuele vervuiling. Ze pleiten voor opschoning. Graffiti wordt verwijderd, commerciële uitingen gedisciplineerd en openbare poëzie wordt bevorderd: als er dan toch geschreven moet worden, dan maar in dichtvorm. Poëzie in de openbare ruimte is daarmee een hype geworden.”

“Openbare ruimte wordt doorgaans gedefinieerd als een ruimte die voor iedereen vrij toegankelijk is. Maar zo'n definitie zegt niets over de kwaliteit van publiek domein: over de mogelijkheid tot interactie met anderen, over de mogelijkheid geïnteresseerd te raken in anderen, over de mogelijkheid zich te verhouden tot ander gedrag, andere ideeën en andere voorkeuren. Verrassing, interesse en reflectie zijn de wezenskenmerken van publiek domein en daarmee van een goede openbare ruimte.”

“De precario-industrie draait op volle toeren. Iedere vierkante centimeter in stadscentrum wordt uitgebaat ten behoeven van commerciële boodschappen en symbolen. Architectuur dient vooral als drager van beeld en informatie. Daarover hoor je welstandscommissies zelden – wel mogen ze iets zeggen over de vormgeving van een billboard. Er ontbreekt een coherente visie op taaluitingen in de openbare ruimte. Alsof reclame, kunst, graffiti en poëzie niets met elkaar gemeen hebben.”

“De populariteit van poëzie in de openbare ruimte is dus een verschijnsel dat niet louter samenhangt met de belangstelling voor poëzie. Natuurlijk is het mooi dat de dichter en de poëzieliefhebber ook deel willen uitmaken van de veeltaligheid van de openbare ruimte. Maar poëzie biedt ook de kortste route naar het zichtbaar maken van het andere in de openbare ruimte. Het is daarmee een multicultureel verschijnsel – dichtregels streven vaak integratie en participatie na: zo zien we een opmars van Surinaamse, Turkse en Latijns-Amerikaanse regels in Rotterdam, zoals in het project ‘Dichter bij de buurt', dat corporatie Woonbron in het Mathenesserkwartier financierde”.

“Er bestaat geen openbaar poëziebeleid in Rotterdam – openbare poëzie is een maatschappelijk verschijnsel, gedragen door groepen burgers of bedrijven (RET) die zelf initiatieven ontplooien. Repressieve tolerantie (antigraffiti) en multiculturalisme hebben, zoals gezegd, wel haar opmars bespoedigd. Als Centrum Beeldende Kunst willen we wel waken voor overdaad. Het merendeel van de openbare poëzie bevindt zich in Delfshaven. Dat is prima: niet iedere wijk hoeft een totaalgedicht te worden. Als stadsregisseur probeert het Centrum Beeldende Kunst die poëzie wel enigszins te concentreren in Delfshaven – daar schenkt het een bijzondere identiteit aan de deelgemeente”.


info@siebethissen.net   - - -