| Name | Last Modified | Size | Description |
| Parent Directory | - | - | - |
| Get Adobe Acrobat Reader | - | - | You need Adobe Acrobat Reader to read and/or print .pdf files. It is a free download. |
| 2002 Buitenkunst en Straatbeveiliging Rotterdams Dagblad.pdf | 30.11.2004 | 59kB | - |
BUITENKUNST IS ER NIET VOOR STRAATBEVEILIGING
Recensie van Henk Oosterling & Siebe Thissen (red.), Grootstedelijke Reflecties. Over Kunst & Openbare Ruimte (CFK/EUR en CBK Rotterdam 2002) en Openbare Kunst & het Stadsvernieuwingsfonds (CBK Rotterdam 2002) in het Rotterdams Dagblad (5-9-2002).
Henk Oosterling zat vooraf nogal in zijn maag met de boekpresentatie gisteravond
in Tent. Drie jaar hebben hij en zijn collega’s van het Centrum voor
Filosofie & Kunst (EUR) en het Centrum Beeldende Kunst (CBK) gewerkt
aan het onderzoek Grootstedelijke Reflecties - Over kunst en openbare ruimte.
Om het nu te overhandigen aan de wethouders Stefan Hulman (Cultuur) en Lucas
Bolsius (Buitenruimte), afkomstig uit een coalitie die 8,63 miljoen euro
wil bezuinigen op de Rotterdamse cultuursector.
Veiligheid en openbare orde zijn de speerpunten van het nieuwe college van B&W. En daarom richt iedere discussie over het cultuurbeleid zich momenteel op de bijdrage die kunst en cultuur daar aan kunnen leveren, met name in de buitenruimte. “Mijn moeder moet haar portemonnee kunnen houden”, zegt Oosterling droog. “Daar heeft ze ‘m voor gekocht. Maar om dat te koppelen aan kunstobjecten is toch echt te simpel”. “Beelden doen iets met de straat”, vervolgt hij. “Ze maken de straat tot openbare ruimte”.
De conclusies van zijn onderzoek, een opdracht van het CBK Rotterdam als voorbereiding op de Cultuurnota 2002-2006, onderstrepen dit nog eens. “Ik was vorige week bij de presentatie van het Manifest 2002. Het eerste punt zegt dat de openbare ruimte door jonge cultuurmakers als hun laboratorium wordt beschouwd. Dat zegt net als alle onderzoeksconclusies één ding: namelijk dat kunst in de openbare ruimte cruciaal is voor het kweken van interesse”.
Ook opdrachtgever Siebe Thissen, hoofd kunst & openbare ruimte van het CBK, schaart zich achter Oosterlings visie: “Kunst kan bijdragen aan een grotere betrokkenheid bij de stad. Aan het versterken van gevoelens van veiligheid en geborgenheid. Aan een ‘upgrading’ van verwaarloosde openbare zones. Aan het zelfbewustzijn van een buurt of wijk. Maar dat is niet haar doel. Kunst spreekt een andere taal dan die van opbouwwerk, politie en reinigingsdiensten. Van de kunst mag niet worden verwacht dat ze met haar bescheiden budget structurele oplossingen biedt voor sociale, culturele en economische problemen van een straat, buurt of wijk”.
Tegelijkertijd werd gisteravond het boek Openbare kunst & het stadsvernieuwingsfonds gepresenteerd. Het geeft een overzicht van de kunstwerken die in de periode 1997-2001 in het kader van dat fonds in de Rotterdamse wijken zijn gerealiseerd. Ze zijn ook te bezichtigen op de website www.openbarekunst.nl die gisteren officieel werd geopend. Hierop kan het Rotterdamse publiek kennis nemen van – en reageren op – kunstwerken in de Rotterdamse openbare ruimte.
Wethouders Hulman en Bolsius geven aan, via een schermprojectie van de website, wat hun favoriete kunstwerken in de straten van Rotterdam zijn. Bolsius moet vooraf bekennen dat hij ‘absoluut geen bal verstand’ van kunst heeft. Maar een van zijn favoriete kunstwerken is Rodins ‘L’Homme qui Marche’ dat langs de Westersingel staat. “Twee keer per dag passeer ik het op de fiets”, zo vertelt hij. “En toch zag ik laatst pas dat het geen armen heeft. Ook politici zijn af en toe blind. Maar dat wist u vast al”.
| info@siebethissen.net | - | - | - |